Koe Manifest

De rol of het statuut van de loeiende koe, een orgaan van architectuurstudenten aan de vakgroep architectuur en stedenbouw van de universiteit Gent, is moeilijk te bepalen, laat staan te omschrijven. Het is dan ook aan iedere generatie van studenten om de koe te claimen, waarbij absoluut niet dient vastgehouden te worden aan bestaande formats, maar vooral moet losgekomen worden van stereotiepe ideeën op wat iets is of kan betekenen. De loeiende koe is een instrument dat je als student moet vastnemen en naar je eigen handen kan kneden. De loeiende koe leeft in de eerste plaats op ambitieuze studenten die geïnteresseerd zijn in architectuur, en is het aan zichzelf verplicht om haar medestudenten zoniet in contact te brengen met, dan toch op de hoogte te houden van het gedijen van de wereld binnen en buiten de besloten muren van de zolder van de Jozef Plateaustraat nummer 22.
Als studenten burgerlijk ingenieur-architect staan we in een bijzondere positie ten opzichte van de vakgroep architectuur en stedenbouw. Waar het curriculum van de meeste universitaire opleidingen samengesteld wordt uit vakken gedoceerd door proffen van verschillende vakgroepen, wordt het merendeel van de lessen bij ons verzorgd door docenten die verbonden zijn aan de eigen vakgroep. Hierdoor staan het onderwijs, wij als studenten en zeker ook de loeiende koe in een zeer dichte en directe relatie met de vakgroep. Als spreekbuis van de studenten neemt de loeiende koe positie in tussen de studenten en de vakgroep. De loeiende koe werkt hier als brug tussen studenten en vakgroep, waarbij ze aan de ene kant deze twee dichter op elkaar probeert te betrekken en aan de andere kant de belangen van de studenten tegenover de vakgroep verdedigt. Vanuit een premisse van zelfeducatie is het de ambitie van de loeiende koe om de leemtes in het curriculum zoniet op te vullen, dan toch te signaleren, en wil ze een bijdrage leveren aan het opheffen van de discrepantie tussen onderwijs en onderzoek die aan elke universiteit aanwezig is. In deze sterke betrokkenheid met de vakgroep is het voor de loeiende koe van het grootste belang om in de rol van overlegorgaan tussen vakgroep en studenten een onafhankelijke positie te behouden, zodat ze steeds als tegengewicht en discussieplatform kan fungeren.
Een ambitieuze koe heeft nood aan een onderliggende agenda, een rode draad doorheen zijn werking en het is hier dat het belang van het koeboekje dient onderstreept te worden. De opzet van het koeboekje is dubbel: archief en kritiek. Aan het telkens publiceren van studentenwerk ontleent ze haar archieffunctie, in het schrijven van teksten plaatst ze kanttekeningen en een kritische noot bij het architectuuronderwijs aan de vakgroep.
De loeiende koe is een mengvorm van inhoudelijke ambitie en ludieke chaos die allen voortspuien uit de vaststelling dat het onmogelijk is architectuur te studeren zonder hier tegelijk een felle, uitgesproken en gefundeerde mening op na te houden. Dit orgaan ontleent zijn bestaansrecht aan de veruitwendiging van die mening.